Excursie van 16 januari naar Grave

De winter is eigenlijk geen tijd voor een excursie, maar dit keer moest het, want de tentoonstelling in het Graafs museum met enkele Gendtse archeologische vondsten hield begin februari op. Onze vondsten uit enkele Romeinse graven in de Angerensestraat en een opgraving in Hulhuizen in 1991 waren beschikbaar gesteld omdat Wim Tuijn eraan meegewerkt had. Hij was de inspirator van de Archeologische Werkgemeenschap Nijmegen. Die vierde met de expositie het 50-jarig jubileum met door vrijwilligers uit deze regio opgegraven ‘schatten’.

Dus op een gelukkig droge middag, gingen wij al carpoolend naar Grave. Onze rondleider Martien Koolen bereidde ons in het museum voor met de opmerking dat er geen topstukken te verwachten waren. Toch bleek de expositie alleszins de moeite waard. Iedere werkgroep had fraaie voorwerpen ingeleverd, zoals stukjes glazen La Tene armbanden, bronzen fibula’s en terra sigillata aardewerk, het luxe geïmporteerde serviesgoed uit de oudheid. Martien Koolen was als jongen al door het archeologische virus gegrepen en dat werd geïllustreerd met een foto van hem bij een ijzertijd opgraving in Wychen in 1968. Hij vertelde dat in Grave in beerputten ook veel middeleeuwse stukken (inderdaad in stukken) aangetroffen waren en dat er veel skeletten opgegraven waren van het voormalige kerkhof bij de Elisabethkerk. Er lag in de expositie een compleet geraamte van een 30-jarige man uit de 16e eeuw. Deze had een genetische afwijking waardoor de schedelnaad niet goed gesloten was en dat familiaire trekje was in nog enkele andere skeletten aangetroffen. Veel graven waren in het verleden al gauw na de begrafenis geschonden, waarbij de kostbaarste bijgaven natuurlijk verdwenen. Maar er was genoeg te zien.

Dit bezoek aan het Graafs museum was een uitgelezen gelegenheid om na afloop het charmante plaatsje Grave te bekijken. Dit gebeurde met een andere rondleider, Leon van Kan. Eerst werd door een maquette heel duidelijk dat Grave een vestingstad aan de Maas is met aan de buitenkant een aantal bastions. Grave betekent oorspronkelijk ook gracht. Sommige huizen hadden blauwe daken, maar de meeste de goedkopere rode. De voornaamste gebouwen zoals de kerken en de poortgebouwen kon je duidelijk herkennen aan de blauwe kleur. Grave is een belangrijke handelsstad tussen Den Bosch en Nijmegen geweest en is in het verleden door de Spanjaarden en Fransen belegerd. Daardoor is veel vernietigd, vooral in het rampjaar 1672 waarbij in de Gasthuisstraat maar drie huizen overeind bleven. Die lagen meer aan de buitenkant en daar werd overheen geschoten. Daarna is het stadje weer opgebouwd met smalle straatjes met klinkers. Wij zagen de belangrijkste gebouwen, zoals de Elisabethkerk die na de reformatie protestants en nu weer katholiek is en de kleinere Begijnenkerk die eerst katholiek, maar daarna protestants werd. Grave is door de jaren heen vast op de plek blijven liggen, maar wel in de hoogte gegroeid op de vernietigde oude gebouwen. Dat werd duidelijk bij een bepaald punt waar onderaan een trap nog het oorspronkelijke niveau lag. Op sommige plekken tochtte je toch wel uit je verschoning. Grave is leuk, maar nog leuker als het de thermostaat wat hoger zet. Klik hier voor meer foto’s.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *